Deze praktijkrichtlijn geeft zowel toelichting op, als aanwijzi ngen voor het verantwoord gebruik van kleur, in al die toepassingen waar kleur wordt gebruikt als medium voor de codering van informatie. De doelstelling van de richtlijn is om door optimale kleurselectie en/of redundant coderen, kleurcodering voor iedereen toegankelijk te maken, inclusief voor personen met een verminderd vermogen tot kleurenzien. In het spraakgebruik wordt deze visuele beperking aangeduid als kleurenblindheid. Deze benaming is echter feitelijk niet correct, omdat de overgrote meerderheid van deze groep wel degelijk in meer of mindere mate kleuren kan onderscheiden. Volledige kleurenblindheid, achromasie, is zeer zeldzaam (ca 0,003 % van de bevolking). In deze praktijkrichtlijn zal daarom de kwalificatie "kleurenblindheid" vervangen worden door "kleurzienstoornis"of "gestoord kleurenzien"