Vervolgproject bio-based productonderzoek van start

19-11-2013 NEN heeft van de EU opdracht gekregen voor co-normatief onderzoek op het gebied van bio-based productnormen. Het project valt onder het Zevende Kader Onderzoeksprogramma en NEN treedt op als projectmanager. Met ringonderzoeken en socio-economisch onderzoek wordt gekeken naar de wenselijkheid van bepaalde etiketten en informatie over biobased-producten voor consumenten.

Het project omvat een totale inzet van veertien Europese onderzoeksinstellingen en bedrijven en duurt een drietal jaren. Als projectmanager begeleidt NEN de Europese normalisatie en de discussies met internationale normalisatie-organisaties zoals ASTM en ISO.

Een totaalpakket aan bio-based productnormen

Voor een deel is dit project een vervolg op een reeds lopend, pre-normatief project (zie www.kbbpps.eu). Zo worden de methodes voor directe bepaling van biologische gehalte nu uitgebreid met indirecte bepalingen, zoals een meting ter controle voor administratieve bewijsvoering van de origine van het product. Verder wordt al lopend onderzoek naar degradeerbaarheid in grond en oppervlaktewater aangevuld met testen die vergelijkingswaardes opleveren. De uit te werken normen geven dan aan in wat voor mate een product degradeert in zeewater, te composteren is (ook in een composthoop thuis) of verwerkbaar is tot biogas in een industriële installatie. Deze 'levenseinde toepassingen' zijn van belang om bio-based producten te vergelijken (ook qua duurzaamheid) en daarop beleid te kunnen vormen.

Vervolgens moeten al deze eigenschappen en toepassingen duidelijk gecommuniceerd worden naar de gebruikers. Het project neemt daarbij zowel industrieën, overheden als consumenten mee. Er worden adviezen opgesteld over het etiketteren van biobased-producten en de productinformatie die meegeleverd dient te worden. Hiervoor wordt in acht Europese landen socio-economisch onderzoek gedaan naar wensen en acceptatie van bio-based producten. Uiteindelijk moeten alle resultaten leiden tot normen of beleidsregels op Europees niveau.

Een brede kijk

Bij het project zijn onder andere universiteiten uit Wageningen, York, Berlijn en Athene betrokken, naast onderzoeksinstellingen op het gebied van biologisch gehalte (ECN), biomassa (FNR), oceanen (Hydra) en bio-based producten (nova-Institut en CSA). Ook doen bedrijven als BTG (duurzame grondstoffen), OWS (biodegradatie) en Novamont (bio-plastics en chemicaliën) mee. Verder zijn bedrijven en instellingen uit Nieuw-Zeeland en de VS betrokken om wereldwijde harmonisatie van testen te garanderen. Daarnaast zijn drie Europese branche-organisatie adviserend partner. Om het onderzoek zo breed mogelijk aan te pakken, zijn stakeholder workshops voorzien.

Eerder door u bekeken

Meer informatie

Voor inhoudelijke informatie over het project en over de Nederlandse normcommissie 310 031, Ortwin Costenoble, consultant Energiewinning.

(015) 2 690 326

energy@nen.nl

Normcommissies Energie

Energie