6 maanden voorwaardelijke celstraf voor ontbreken explosieveiligheidsdocument

26-04-2016 Op 19 maart 2012 kopte de NOS: Vermiste bij grote brand Elsloo In Elsloo in Zuid-Limburg woedt een grote brand in een timmerfabriek. Er wordt iemand vermist die vlak voor de brand nog in de fabriek was. Voorafgaand aan de brand was er een grote explosie. Ook was er een enorme rookontwikkeling die tot ver in de omgeving te zien was.

De brand is die dag begonnen in de filterkast van de houtstofafzuiginstallatie. Van daaruit verspreidde de brand zich over de hele timmerfabriek. Waarschijnlijk is ergens in de afzuiginstallatie een hoogst brandbaar of explosief stofmengsel ontstaan dat ergens is ontstoken, hetgeen voor de explosie heeft gezorgd waardoor de gevel aan de voorzijde gedeeltelijk naar buiten werd gedrukt.

De vermiste man blijkt in de brand te zijn overleden. Het dodelijke slachtoffer was werkzaam in de timmerfabriek in het kader van een stage voor zijn opleiding, middels een overeenkomst tussen de onderwijsinstelling, het bedrijf en de stagiair. Dit is juridisch van belang, omdat we de stagiair moeten kwalificeren als een werknemer.

De werkgever wordt in persoon strafrechtelijk vervolgd.1 Hij heeft feitelijk leiding gegeven aan de overtreding van voorschriften uit de Arbeidsomstandighedenwet, terwijl het feit wordt begaan door een rechtspersoon. Er wordt de werkgever verweten dat:

• de risico-inventarisatie en evaluatie ontbreekt; volgens de werkgever was deze er wel en opgemaakt in 2007. De werkgever verklaart dat deze in de brand verloren is gegaan. Reden waarom de werkgever van deze overtreding wordt vrijgesproken;

• er geen explosieveiligheidsdocument is opgemaakt. De werkgever verklaart ter zitting dat ‘het opmaken van een stuk, naast en anders dan het formulier van de RI&E hem niets zei’. Hij ging ervan uit dat de installatie na plaatsing veilig was. De rechtbank oordeelt daarom dat de werkgever in strijd met het Arbeidsomstandighedenbesluit heeft gehandeld (artikel 3.5c, lid 1) door de gevaren, in verband met explosieve atmosferen en de bijzondere risico’s die daaruit kunnen voortvloeien, niet eigenstandig te hebben beoordeeld en schriftelijk heeft vastgelegd in een explosieveiligheidsdocument.

• er geen maatregelen zijn genomen ter beperking van de schadelijke gevolgen van een explosie; er zijn bij de houtstofafzuiginstallatie geen afvoeren naar buiten aangebracht. De werkgever is er wel op gewezen dat dit zou moeten, maar heeft nagelaten dit op te volgen. De rechtbank oordeelt daarom dat de werkgever ook om die reden in strijd met het Arbeidsomstandighedenbesluit heeft gehandeld (artikel 3.5d, lid 2 onder b), welke rechtsregel voorschrijft dat, als het voorkomen van het ontstaan van een explosieve atmosfeer, gezien de aard van het werk niet mogelijk is, de schadelijke gevolgen van een explosie moeten worden beperkt.

De rechtbank verwijt de werkgever dat deze redelijkerwijs moest weten dat door zijn nalaten levensgevaar of een gevaar bestond op ernstige schade aan de gezondheid van de werknemer. Het gevaar was geen doel op zich; er was geen oogmerk op het toebrengen van letsel, maar nalaten gevaar weg te nemen, kan ook verwijtbaar zijn. De werkgever wijst naar de leverancier van de houtstofafzuiginstallatie als de oorzaak van het probleem. De leverancier zou zijn taak niet naar behoren hebben uitgevoerd, waarop de rechtbank oordeelt:

‘(..) miskent verdachte door deze zienswijze de verantwoordelijkheid en zorgplicht die als werkgeefster op haar rust omtrent de veiligheid van personeel. (…) Hij kan deze verantwoordelijkheid niet afschuiven op een ander, in dit geval de leverancier. Het feit dat het jarenlang goed is gegaan en dat bij inspecties niets aan het licht is gekomen maakt zulks uiteraard niet anders en ontslaat hem niet van zijn verplichting en verantwoordelijkheid. Verdachte heeft door zijn nalaten strafbaar gehandeld.’

Uiteindelijk komt de rechtbank op een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden. Hierbij wordt meegewogen dat de onderneming van de verdachte al een boete moet betalen van € 15.000,- en dat de werkgever enkel voor het overtreden van de Arbeidsomstandighedenwet is vervolgd; niet ter zake van het overlijden van de stagiair. Er wordt aan de werkgever een proeftijd opgelegd van 2 jaar. Als de werkgever zich binnen die periode opnieuw schuldig maakt aan een strafbaar feit, zal hij de straf alsnog moeten uitzitten.

Noot
Ik word vaak gevraagd naar de mogelijkheid tot strafrechtelijke vervolging bij de overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet. Kan het echt? Tot welke straffen leidt het? En wie wordt dan vervolgd. Deze uitspraak van de Rechtbank Limburg is een mooi voorbeeld van een vervolging van een privépersoon; de bestuurder/eigenaar van de B.V. De strafrechtelijke vervolging is niet zonder reden: er is een behoorlijke overtreding gemaakt met een dodelijk slachtoffer tot gevolg. Goede aanleiding om alle explosieveiligheidsdocumenten weer even te controleren en te kijken of bij u de gevolgen van een explosie op de juiste wijze worden beperkt.

Eerder door u bekeken

Contact adviespunt Machinebouw

Voor uw vragen over onder andere CE-markering, productaansprakelijkheid, risicobeoordeling, de gebruiksaanwijzing, het technisch dossier, eisen voor niet-voltooide machines en de verklaring van overeenstemming bent u bij ons aan het juiste adres.



(015) 2 690 180

advies.machinebouw@nen.nl