Beperking van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur (EEA)

04-08-2014 Een kort overzicht van richtlijn 2011/65/EU (RoHS).

Wat is het doel van deze richtlijn?
Richtlijn 2011/65/EU vervangt richtlijn 2002/95/EG. Een aantal eisen is aangescherpt en de richtlijn is een aanvulling op de specifieke wetgeving zoals de Verordening (EG) 1907/2006 inzake Registratie, Evaluatie, Autorisatie van Chemische stoffen, afgekort REACH) en beperkt het gebruik van gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur ter bescherming van de volksgezondheid en het milieu.

De richtlijn stimuleert met het restrictiebeleid vervanging door stoffen waarvoor minder of geen beperkingen gelden.

Wat wordt precies verstaan onder EEA?
EEA zijn alle apparaten die gebruik maken van elektrische stromen of elektromagnetische velden voor tenminste één functie en die zijn ontworpen voor gebruik met een spanning van maximaal 1 000 V AC en 1 500 V DC. Bepaalde apparatuur, zoals grote, niet verplaatsbare industriële installaties, vervoermiddelen en zonnepanelen, is van de richtlijn uitgesloten.
Voor bepaalde EEA, zoals medische hulpmiddelen en meet- en regelapparatuur kunnen zware metealen essentieel zijn voor de functionaliteit (bijvoorbeeld loodschermen rondom röntgenapparatuur en cadmium in bepaalde lasertypen) en om die reden kan een vrijstelling worden verleend. Een overzicht is te vinden in de richtlijn.

Om welke stoffen gaat het precies?
Er gelden beperkingen voor lood (0,1 %), kwik (0,1 %), cadmium (0,01 %), zeswaardig chroom (0,1 %), polybroombifenylen (PBB’s) (0,1 %) en polybroomdifenylethers (PBDE’s) (0,1 %). De aangegeven percentages zijn de maximale concentratiewaarden in gewichtsprocenten.
Een overzicht van toepassingen waarvoor (nog) afwijkende waarden mogen worden gehanteerd is te vinden in de richtlijn en zal regelmatig worden aangepast aan de ontwikkelingen. Er zal onder meer worden gekeken naar de mate waarin vervangende, minder gevaarlijke stoffen beschikbaar zijn.

Vrijstelling
Fabrikanten kunnen voor specifieke toepassingen een vrijstelling aanvragen.
Vrijstellingen van beperkingen worden onder voorwaarden toegestaan indien een beperking of vervanging uit wetenschappelijk of technisch oogpunt onmogelijk is. De procedure die moet worden gevolgd voor een vrijstelling is in de richtlijn opgenomen.

Conformiteitsprocedure
EEA moeten zodanig zijn ontworpen en vervaardigd dat zij de hiervoor genoemde grenswaarden niet overschrijden.

EEA zijn onderworpen aan een interne productiecontrole (Module A van Besluit 768/2008/EG). Die module houdt o.a. in dat de fabrikant technische documentatie moet opstellen waarmee kan worden beoordeeld of het eindproduct aan de eisen van de richtlijn voldoet en blijft voldoen. Een verplicht onderdeel hiervan is een adequate risico-analyse en –beoordeling.

De fabrikant moet een EU-conformiteitsverklaring opstellen en op het eindproduct de CE-markering, alsmede voldoende identificatiegegevens aanbrengen.

Importeurs moeten erop toezien dat de fabrikant aan alle verplichtingen die voortvloeien uit de richtlijn heeft voldaan en dat het product in overeenstemming is met de richtlijn.

Daarnaast hebben importeurs de verplichting hun naam en contactadres op het product aan te brengen.
Distributeurs moeten erop toezien dat de CE-markering is aangebracht en de verklaring van overeenstemming in de juiste taal wordt meegeleverd.

Vanaf wanneer is de richtlijn van toepassing?
Aan de richtlijn moet worden voldaan met ingang van 3 januari 2013.

Voor nieuw in de handel gebrachte medische hulpmiddelen en niet-industriële meet- en regelapparatuur is de richtlijn gefaseerd van toepassing. De nieuwe eisen gelden voor kabels en reserveonderdelen van EEA die vanaf 1 juli 2006, voor medische hulpmiddelen die vanaf 22 juli 2014, voor medische hulpmiddelen voor in-vitro diagnostiek die vanaf 22 juli 2016, voor meet- en regelapparatuur die vanaf 22 juli 2014, en voor industriële meet- en regelapparatuur die vanaf 22 juli 2017 in de handel is/zijn gebracht.

Nog vragen?
Vragen over de richtlijn kunt u richten aan het secretariaat van het cluster Machinebouw,
E-mail: advies.machinebouw@nen.nl

Eerder door u bekeken

Contact adviespunt Machinebouw

Voor uw vragen over onder andere CE-markering, productaansprakelijkheid, risicobeoordeling, de gebruiksaanwijzing, het technisch dossier, eisen voor niet-voltooide machines en de verklaring van overeenstemming bent u bij ons aan het juiste adres.



(015) 2 690 180

advies.machinebouw@nen.nl