Certificering?

18-02-2015 Als gecertificeerd hoger veiligheidskundige is certificering een vanzelfsprekendheid, iets wat je beroepsmatig nodig hebt. De certificering is een bewijs dat je iets met goed gevolg hebt afgelegd.

Als gecertificeerd hoger veiligheidskundige ben je volgens de wetgeving één van de vier zogenaamde kerndeskundigen (de andere drie zijn arbeidshygiënist, bedrijfsarts, Arbo en organisatie deskundige). Deze mag dan een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) toetsen.


Een punt van aandacht is echter dat in een RI&E onderwerpen kunnen staan waar individuele kerndeskundigen mogelijk niet de volledige kennis van hebben. In een notendop is daarmee een van de beperkingen van een certificering aangetoond. De gelijkenis vinden we terug bij lasprocessen.

Bij het lassen worden verschillende certificeringen beoordeeld: de lasser moet bepaalde kwalificaties hebben, de testen die op de las worden uitgevoerd moeten aan bepaalde eisen voldoen, de keurmeester van de testen moet zelf aan eisen voldoen, het materiaal moet aan eisen voldoen, als de las gereed is moeten proeven aantonen dat de las niet lekt, etc. Alles wordt vastgelegd en uiteindelijk, wanneer de installatie getest en beproefd is, geeft een keuringsinstantie aan of de installatie voldoet aan de gestelde eisen. Met de certificeringen binnen een lasproces kan technisch en theoretisch aangetoond worden dat volgens de stand van de techniek is gewerkt.

Is hiermee dan een installatie veilig? Of beter nog: kan er niets meer mis gaan?

Zelfs tijdens het lassen kan het mis gaan, bv. de lasser ademt schadelijke lasrook in of tijdens de testen springt een leiding. Het is natuurlijk vreemd om te denken dat een gecertificeerde installatie veilig is. Het gaat erom hoe je ermee werkt en welke professionele mensen ermee werken. Zijn deze goed opgeleid en durven zij in te grijpen bij een incident? Andere belangrijke aspecten zijn het inrichten van een management systeem maar ook van belang zijn goede attituden.

Goede Attituden
Ik zie dat mensen hun werk graag goed willen doen. Niemand gaat naar zijn werk om met opzet iets verkeerd te doen; toch gaan er dingen fout. In de luchtvaart is onderzoek gedaan welke vormen van fouten er zijn en waardoor deze ontstaan. Hier komt men op 12 menselijke gedragsfouten: genaamd de “dirty dozen”. Deze zijn:

• Gebrekkige communicatie
• Gebrekkig teamwork
• Onvoldoende assertief
• Gebrekkige kennis
• Vermoeidheid
• Gebrekkige hulpmiddelen
• Stress
• Werkdruk
• Afleiding
• Negatieve groepsnormen
• Onvoldoende bewustzijn
• Tevredenheid (zelfvoldaan)

Dit laat zien dat deze gedragsfouten heel menselijk zijn; we maken ze allemaal. Het voorkomen van fouten is wat we met elkaar willen realiseren. Hoe dit vorm te geven? We kunnen concrete actiedoelen stellen per onderwerp en direct in praktijk brengen. Het succes wordt behaald door er over na te denken en dan uit te voeren (de laatste stap wordt vaak vergeten).

Als voorbeeld van een van de dirty dozen nemen we onvoldoende assertief. Mensen horen in te grijpen en moeten kunnen aangeven of ze voldoende zijn opgeleid voor de taak die ze moeten uitvoeren. Een actiedoel kan dan zijn: vraag of mensen voldoende zijn opgeleid voor de taak die ze uitvoeren en bij twijfel neem je actie om ervoor te zorgen dat de taak goed wordt uitgevoerd met voldoende opgeleide mensen. Door onze actiedoelen te richten op de dirty dozen kunnen we zelf meehelpen om gedragsfouten te voorkomen.

Bij de kerndeskundige, die buiten zijn kennisgebied wordt gevraagd een zinvol antwoord te hebben, spreken we al gauw over een van de dirty dozen valkuilen: “gebrekkige kennis”. Het beste is om de juiste kennis in te zetten op de juiste plek, met de goede attituden. Dat betekent dan vaak nader onderzoek door een andere gecertificeerde kerndeskundige...

Eerder door u bekeken

Contact adviespunt Machinebouw

Voor uw vragen over onder andere CE-markering, productaansprakelijkheid, risicobeoordeling, de gebruiksaanwijzing, het technisch dossier, eisen voor niet-voltooide machines en de verklaring van overeenstemming bent u bij ons aan het juiste adres.



(015) 2 690 180

advies.machinebouw@nen.nl