ISO 26000: Gewoon beginnen

Onlangs hebben een aantal leden van de Federatie Nederlandse Rubber- en Kunststofindustrie (NRK) een zelfverklaring voor de toepassing van ISO 26000 op het publicatieplatform van NEN gepubliceerd. Hiermee laten ze zien dat maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) een belangrijk onderwerp voor hun bedrijf is. Maar hoe begin je aan ISO 26000? En waarom zou je eraan beginnen? Jeroen Vaartjes, quality manager bij Eurobottle Flestic Holding, deelt zijn ervaring.

Uitgelicht: Jeroen Vaartjes | Eurobottle Flestic Holding | Transparantieniveau 2


“Door de samenkomst van een aantal factoren was het voor Eurobottle Flestic Holding nu het moment om te starten met MVO,” vertelt Jeroen Vaartjes. “MVO is een actueel onderwerp en ik sta open voor nieuwe dingen. Ik ben me gaan verdiepen in het onderwerp via lezingen en seminars. Op een gegeven moment kwam het in me op dat dit onderwerp meerwaarde geeft voor ons bedrijf. We zijn een bedrijf met de blik naar buiten. We zijn sterk klantgericht en onderdeel van verschillende samenwerkingsverbanden, zoals de NRK en Dutch Packaging Association. Wat we nodig hebben is een goede mix van interne en externe besturingsvormen, want we zijn onderdeel van een geheel. De aanpak van ISO 26000 past daarom bij ons. Met behulp van belanghebbenden binnen en buiten je bedrijf bepaal je waar je staat in de omgeving en ontwikkel je een visie en strategie.''

Kennis over MVO naar binnen halen
Een samenwerking tussen NEN, NRK, Berenschot en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) heeft voor leden van de NRK geleid tot een gezamenlijk traject en een webtool om ISO 26000 te implementeren. Het traject bestond uit een aantal bijeenkomsten waarbij de deelnemers gezamenlijk ’onderzochten wat relevante MVO thema’s zijn. De webtool heeft het gemakkelijker gemaakt om de vragen over de toepassing van ISO 26000 te beantwoorden en voortgang te monitoren. De zelfverklaring en het onderbouwende verslag zijn op het Publicatieplatform ISO 26000 van NEN gepubliceerd. Met de publicatie van een zelfverklaring op dit Publicatieplatform laten de deelnemende bedrijven laten zien dat ze ISO 26000 op een serieuze manier toepassen. In 2014 hebben ruim dertig bedrijven meegedaan, en een tweede traject voor nieuwe bedrijven staat inmiddels gepland.

Jeroen Vaartjes heeft dit traject ervaren als een goede manier om MVO op te pakken binnen het bedrijf. “De ondersteuning van Berenschot was zeer waardevol. Daarmee hebben we op een makkelijke manier kennis naar binnen gehaald.” Het schrijven van het verslag aan de hand van de handleiding (NPR 9026+C1) bleek een flinke klus. “Ik heb me een hele werkweek opgesloten om de resultaten van ons MVO onderzoek te verwerken tot een mooie tekst. Maar als KAM medewerker had ik al veel kennis van het bedrijf en onze kwaliteitssystemen en daar is dit mee verbonden. Uiteindelijk was ik heel trots op de reactie van NEN via het bevindingen rapport. We kregen weinig commentaar en onze zelfverklaring werd gelijk op het Publicatieplatform geplaatst.”

Gewoon beginnen
Voor Eurobottle Flestic Holding is het de eerste keer dat ze op een expliciete en systematische manier aan MVO werken. “We zijn een klein bedrijf met een kleine overhead. In het MT overleg hadden we het regelmatig over MVO maar werd het niet altijd zo benoemd: welk type grondstoffen gebruiken we? Hoe kunnen we energie verbruik reduceren? Hoe kunnen we personeel breder inzetten? Een bestuur neemt diverse maatregelen binnen het bedrijf om meerwaarde te creëren. Daarmee is het niet altijd zichtbaar dat het om MVO gaat. We waren al met de onderwerpen bezig, zonder dat het etiketje MVO er op zat. Hiermee konden we het ‘geitenwollensokkenidee’ over MVO wegnemen en het gesprek aangaan over een ISO 26000 traject.”

Jeroen Vaartjes is ‘gewoon begonnen’ met een inventarisatie van bestaande praktijken zonder het expliciet ‘MVO’ te noemen. Hij is daarmee open het proces in gegaan. “Ik ben eens gaan kijken of MVO en ISO 26000 bij ons past zodat we later konden besluiten of we er daadwerkelijk mee aan de slag zouden gaan.”

Een interessant neveneffect van het onderzoek was dat Eurobottle Flestic Holding zichzelf beter leerde kennen en de identiteit explicieter werd. “Met behulp van de 40 vragen uit de handleiding kregen we op een natuurlijke manier antwoorden op vragen als: wie zijn we als bedrijf en wat vinden we belangrijk?” En vervolgens was de conclusie snel getrokken. “Zorgen voor goede arbeidsomstandigheden doen we niet omdat het moet van de wet maar omdat we dat belangrijk vinden. We zijn respectvol naar ons personeel. Onbewust voelden we dat aan. We hebben het bewust gemaakt.”

Intrinsieke motivatie ondersteunt commerciële activiteiten
Jeroen Vaartjes benadrukt ook dat je MVO niet moet doen omdat het moet. Een conclusie van zijn onderzoek had wat hem betreft ook kunnen zijn dat het niet paste. De motivatie om met ISO 26000 aan de slag te gaan is belangrijk. Doe je MVO vanuit een intrinsieke grondhouding of niet? In hoeverre is het een commercieel instrument? Jeroen Vaartjes erkent het dilemma: “Dat is lastig, maar we hebben het zuiver aangepakt. Alles wat in het verslag op het publicatieplatform staat is oprecht, want we deden het al. Waarom zouden we het dan niet gebruiken voor de business? De duurzaamheidsclaim van de biobased bidon, een product waar we trots op zijn, is nu nog meer ondersteund. Waardoor we nu onze invloed op duurzaam bezig zijn juist kunnen verstevigen.



Bekijk de zelfverklaring, referentiematrix en prioriteringsmatrix

Het initiatief van de NRK, Berenschot, RVO en NEN was een concrete aanleiding om het onderwerp binnen het management team te bespreken. Dit kwam op een mooi moment allemaal samen.